Tagarchief: Oatman

De laatste dagen….

Op die camping aan de spoorlijn begon het steeds harder te waaien en de camper stond te schudden op zijn wielen. Dat was niet zo erg, wel dat het de volgende ochtend begon de plenzen. We stonden bij het stadje Seligman, dat aan de beroemde route 66 ligt. Die stadjes zijn doorgaans heel commercieel, maar toch wel leuk. De regen trok een streep door onze plannen om er eens rond te gaan kijken.

De laatste dagen...

We besloten meteen door te rijden naar Bullhead City, dat net in Arizona ligt. De Colorado rivier is de natuurlijke scheiding tussen Nevada en Arizona en zodra je die oversteekt en Nevada dus uitrijdt, ziet alles er meteen anders uit. Geen casino’s natuurlijk en alle bling bling is ook verdwenen.

De laatste dagen...

Bullhead City is enorm uitgestrekt en je rijdt mijlen en mijlen voor je er een beetje doorheen bent. Ons doel was de camping ‘Crossroads’ waar we bijna ieder jaar komen. Het is de stilste camping die je je kunt voorstellen. In de winter staat het er compleet vol, vanwege alle zogeheten ‘snowbirds’ die er komen overwinteren. ‘Snowbirds’ zijn gepensioneerden die in de noordelijke staten wonen, zoals Idaho, Michigan, Montana, ….. waar de winters lang en heel koud zijn. Ze zakken dan af naar het zuiden en vinden er een camping waar ze verblijven of trekken in de zuidelijke staten rond. Heel veel pensionado’s laten dan hun camper of ‘fifth wheel’ op een camping staan om er in het najaar naar toe terug te keren. Een ‘fifth wheel’ is te vergelijken met een caravan, maar veel groter om te beginnen. Het voorste, hoge deel wordt op de achterkant van een behoorlijke pick-up truck bevestigd en zo voortgetrokken. Deze dingen zijn soms wel vijftien meter lang!

De laatste dagen...

Weer anderen rijden op hun gemakje weer terug in hun camper. We hebben deze vakantie opvallend veel zogeheten ‘full-timers’ ontmoet. Mensen die hun huis hebben verkocht of verhuurd, een camper of ‘fifth wheel’ hebben gekocht en rondtrekken. Sommigen doen dat al jaren aan een stuk. Niet dat ze constant onderweg zijn, ze blijven soms ook maanden ergens staan, maar ze hebben de vrijheid omarmd en genieten van hun leven.
Crossroads was aangenaam leeg, er woonden zo’n 25 mensen en die zag of hoorde je niet.

De laatste dagen...

Het was heerlijk om in die doodstille omgeving te zijn. Er is amper tot geen verkeer op de weg die er langs loopt, de weg naar Oatman, en buiten dat je af en toe een enkele airco aan hoorde slaan was het stil. De cactus wren zat weer op haar nest. Een nest gebouwd in een cholla, zo’n cactus met walgelijk veel en scherpe stekels. Ik zag dat ze twee jongen had.

De laatste dagen...

In de enorme cactus voor de camper had een duifjeskoppel een nest gebouwd en ook zij hadden twee jongen.

De laatste dagen...

Alles ademde rust en vrede en je voelde je bloeddruk zakken.
De volgende dag gingen we naar Oatman, zo’n twaalf mijl verderop, gelegen aan die ene doorgaande, doodstille weg.

De laatste dagen...

We komen vrijwel jaarlijks in Oatman. Een vroeger mijnstadje, ook gelegen aan de route 66. Een grote attractie zijn de burro’s die er overal rondlopen. Dat is een ezelsoort die hier vroeger werd gebruikt voor het vervoer van voedsel, water, mijnwerkers naar de mijn brengen, van alles. Ze kunnen zich goed over moeilijke terreinen bewegen, weten voedsel makkelijk te vinden en zijn prima in staat zware lasten te dragen in hete, droge omgevingen.

De laatste dagen...

Toen het stadje leegliep, hebben ze de burro’s vrijgelaten in de woestijn en je ziet hier dus de rechtstreekse afstammelingen, die nog steeds in de woestijn rondzwerven. Maar slim als ze zijn, zijn ze elke ochtend aanwezig, vanaf het moment dat toeristen verwacht worden. In vrijwel ieder zaakje kun je burrovoer kopen, wat grif gedaan wordt en dat weten ze. Er wonen gewoon mensen in Oatman, niet veel, misschien zeventig in totaal, en die zijn dol op de burro’s die ze ook allemaal een naam hebben gegeven. Een bekende burro, ik ben zijn naam kwijt, heeft een geknakt oor. Gebeurd in een gevecht om de vrouwtjes.

De laatste dagen...

Het is ook overal hetzelfde. Zijn oor hing er helemaal bij en had eigenlijk geamputeerd moeten worden. Maar ze hebben het zo weten op te lappen, dat hij er nog steeds aan zit, al hangt hij op half zeven. Reden: amputeer je dat oor, dan komt er ook van alles in terecht: regen, sneeuw, vuil, van alles en dat is niet gezond. De sfeer onder de burro’s was gespannen, omdat er een vrouwtje bereidwillig was om gedekt te worden en daardoor waren er kibbelpartijen bij de heren. Die gepaard gingen met venijnige beten en trappen.
De winkeltjes waren weer leuk om rond te snuffelen, maar je zag aan alles dat het seizoen zo’n beetje voorbij was.

De laatste dagen

Veel uitverkoop en een enkele zaak al gesloten. In de zomer is het hier gewoon veel te warm en dus sluit zo’n beetje alles, om in november weer te openen. De dagelijkse ‘gunshow’ was ook weer aanwezig. Met die gratis show op straat halen zogenaamde bankrovers geld op bij het publiek, dat integraal gedoneerd wordt aan een kinderziekenhuis. Onder andere voor vervoer van ouders die hun opgenomen kinderen willen bezoeken, maar die er de middelen niet voor hebben. Door de jaren heen hebben ze al ruim $100.000- opgehaald en gedoneerd. Daar wil je wel even wat flauwe grappen voor aanhoren.

De laatste dagen...
De laatste dagen...

De zogenaamde pistoolschoten waren een aanslag op je trommelvliezen, maar de burro’s trokken zich er niets van aan. Die zijn er aan gewend.

De laatste dagen...

Het restaurant was van binnen al jaren beplakt met dollarbiljetten van klanten, maar nu tegen de ramen. Op al die biljetten hadden mensen hun naam en waar ze wonen geschreven. Maar eigenlijk is dit een heel oud gebruik, uit de tijd dat de mijnen nog in gebruik waren. De mijnwerkers gingen na hun werk een biertje halen. Ze betaalden de cafébaas van tevoren, zodat als er iets in de mijn gebeurde, hun rekening betaald was.

De laatste dagen...

Oatman was leuk, zoals altijd en de vogels op de camping waren helemaal niet boos dat we een poos weg waren geweest. We hebben tot laat buiten gezeten, genietend van de woestijnwind en de stilte. In de verte zag je de blikkerende lichtjes van Laughlin en andere gokstadjes in Nevada, aan de overkant van de Colorado rivier, wat de rust alleen maar onderschreef.

De laatste dagen...

Eigenlijk hadden we er nog langer willen blijven, maar donderdag moeten we voor 10:30 de camper in Las Vegas inleveren. Het is 120 mijl daar naar toe, meer dan twee uur rijden en dan moet je geen files of wegomleidingen hebben. Vlak voor je de camper inlevert moet je aftanken, want je kreeg hem met een volle tank mee, dus ook met een volle tank inleveren. We hebben al eens gehad dat we moesten bellen, omdat er zoveel oponthoud was dat we het niet gingen halen. En je moet ook met de shuttle mee naar het vliegveld, Mc Carren airport, om je vliegtuig te halen. Met bloedend hart zijn we vanochtend vertrokken, naar de camping in Overton waar de reis ook begon. Vanaf hier is het vijf kwartier rijden, maar we hadden er een lief ding voor gegeven als we gewoon op Crossroads hadden kunnen blijven. In de stilte, de prachtige omgeving en te luisteren naar de suizende, fluisterende woestijnwind….

De laatste dagen….

Langzamerhand gingen we op weg naar Las Vegas, van waar we donderdag terugvliegen. Helaas moeten we laatste nacht daar doorbrengen, we zitten liever in de woestijn. We reden door het lege land, om mijlen en mijlen zonder huis, laat staan een nederzetting, tegen te komen. Door die kennelijk zo dorre en doodse woestijn, die toch zo bruist van leven. De saguaro’s die hier al stonden voordat wij geboren waren, leken ons te wenken met hun prikkelige armen: ‘Ga toch niet weg. Je houdt van de woestijn, blijf bij ons!’

Iets wat ik maar al te graag zou doen. We aten in een stadje bij Al’s Pizza. Het stadje stond half leeg, veel nering was gesloten en een meneer die we iets vroegen, vroeg meteen om geld. Ik gaf een gemompelde versie van niks contant te hebben en reed door. Zo triest dat je zo ver moet zakken, dat je om geld moet vragen. En zijn ouders waren zo blij toen hij geboren werd. Al’s Pizza was een enorme tent met bar erbij. Twee mannen zaten aan de toog te drinken en keken star naar de diverse televisies die er hingen. Net als de mensen die er zaten te eten. Na ons kwam een groepje van zes mensen binnen en de tv bij hun tafel werd meteen aangezet.

Zwijgend hebben ze zitten kauwen, starend naar de bewegende beelden. Aan een andere tafel zat vijf mensen te praten en hun bulderende lach vulde oorverdovend de ruimte. Heerlijk. Mensen die in gesprek waren, die enorme lol hadden en niet constant met zo’n pesttelefoon in hun handen zaten om elke nanoseconde op het schermpje te kijken. Wat een opluchting en je werd er zelf helemaal vrolijk van. Voor hen geen tv, ze hadden genoeg aan elkaars gezelschap.

De camping van die nacht was in Big River in Californie, een camping pal aan de Colorado rivier. Jaren geleden zijn we hier ook geweest en hebben genoten. Net als toen heb ik er een poos op een pontonnetje gezeten.

Toen het donker was, gingen we, net als alle andere avonden, lekker buiten zitten genieten.

Om tien uur kwam de camp host in haar golfkarretje langs om alles te controleren. Een aardige, spontane vrouw die we ook al hadden gesproken toen we hier aankwamen. Ze bleef babbelen en ik bood haar wat te drinken aan. Nou, dat wilde ze wel! Ze ging even haar huis afsluiten en de hond binnenzetten. Ik zei: ‘Neem hem toch mee!’ Even later kwam ze terug met hondje Foxy. Een schatje van zeven jaar oud dat ze twee jaar geleden uit een asiel had gehaald. Die was van een oude mevrouw geweest die overleed en het hondje was zo’n beetje bij het vuil gezet. Hij zat in de kennel in een hoekje te bibberen, doodsbang van de andere honden. En nu woont hij bij haar en ze zijn duidelijk heel gelukkig samen.

Ze haalde een vouwstoeltje uit het karretje, ging zitten en begon te praten. En te praten. En te praten. Soms stelde ze een vraag en als je dan antwoordde, onderbrak ze je om verder te praten. Foxy wilde meteen bij mij op schoot en is daar de rest van de tijd gebleven, tot haar baasje om twee uur (!)’s nachts in haar karretje sprong en wij sufgel*ld naar bed mochten. Maar het was een aardig mens, zonder meer, die op haar veertigste al met pensioen was, nadat ze ruim twintig jaar in het leger had gediend.

De volgende dag kwamen we onderweg langs een Family Dollar waar ik even iets wilde halen. Henrie zag een leuk t-shirt en toen we afrekenden wilde die meneer de kleerhanger in het tasje doen. Maar om nou kleerhangers uit Amerika mee te gaan nemen zag ik niet zitten. Dus zei ik dat we die niet hoefden. Tot mijn werkelijk stomme verbazing werd het ding in de vuilbak gegooid! Ik vroeg verbijsterd of ze ze niet voor andere kleding gebruikten. Nee, dat werd weggegooid. Echt, de ecologische voetafdruk van dit land is bizar groot, tot in het belachelijke.

Onze laatste camping van deze reis is, zoals vaker, Crossroads RV aan de route 66. Vlakbij de Colorado River die de natuurlijke grens is tussen Arizona, waar we nu zijn, en Nevada. Zo luxe en groen het aan de overkant is bij al die casino’s is, zo dor is het hier. Doodstil met ’s nachts enorme vleermuizen die rond de enkele verlichting fladderen. De enorme cactus stond er nog steeds en ’s nachts gaan al die enorme knoppen open en komen handgrote, witte bloemen tevoorschijn die geen geur hebben.

In deze cactus en die van een paar meter verder, hadden Cactus Wrens zoals altijd hun nest.

Het was warmer dan de afgelopen tijd en de zon was verzengend. De airco kon het amper bijbenen, dan is zo’n luifel toch wel fijn.

Zes mijl verderop ligt Oatman. Een historisch mijnstadje, natuurlijk zo commercieel als de pest, maar toch leuk. Vooral vanwege de bekende burro’s (een ezelsoort) die er heel de dag rondschuimen. We kwamen er aan en op de parkeerplaats stond een pickup truck te loeien met niemand er in. Die was leuk het stadje in gegaan en liet de motor draaien. Fuck de omgeving en het milieu, je denkt toch niet dat ik in een hete auto ga stappen? Over asociaal gesproken!

Oatman was leuk, zoals altijd. Overal die burro’s, waarvan alle vrouwtjes drachtig waren.


De oude winkeltjes met hun goedbedoelde rotzooi en waar soms echt heel leuke dingen bijzitten, de sfeer, alles. Die burro’s kunnen echt razend brutaal zijn en als ze ruiken dat je burrovoer hebt (kun je in elk winkeltje kopen), komen ze gewoon achter je aan. Ik had geen voer, dus ik was veilig. Ik ging ergens in de schaduw (het was bloedheet, ik schat tegen de veertig graden) op een bankje zitten en zag een burro in de deuropening van het zaakje naast me staan. De meneer probeerde hem eerst weg te sturen met een speelgoedhondje dat blafte als er iets bewoog. Maar daar trok hij zich niks van aan. Toen kwam de plantenspuit en dat maakte meer indruk.

De meneer zei tegen me: ‘Hij is de enige met wie ik problemen heb. Als je per ongeluk even niet voor in de winkel bent, dan loopt hij naar achter naar het kantoor van de baas. Daar zoekt hij naar eten. Laatst vond hij een zakje chips, dat heeft hij aan stukken gescheurd om het op te eten. En vorige week betrapte ik hem er op dat hij een zak voer te pakken had en het op zijn gemak stond op te eten. Hij liet me een foto zien, die hij op mijn verzoek aan me doorstuurde. Wij hebben zulke katten…

Het viel me daarna op dat in heel wat winkeltjes een plantenspuit was. De mensen in Oatman zijn gek op hun burro’s, maar weten ook: als er van voren iets ingaat, komt er van achteren iets uit. Je wordt ook dringend verzocht ze niet vlak voor de winkeltjes te voeren. Een heel redelijk verzoek lijkt me.

De laatste avond brak aan. We pakten zoveel mogelijk in en gingen buiten zitten, om nog een laatste keer van die doodstille woestijn te genieten. De tv is niet één keer aangeweest deze weken, maar voor de foto hebben we hem even omhoog gehaald.

De spullen en etenswaren die we over hadden, hebben we de volgende ochtend aan de meneer met zes tanden gegeven, die ons de dag ervoor verwelkomd had, omdat het kantoor al gesloten was. Hij was er superblij mee, het was een soort kerstpakket voor hem denk ik. Na bijna vier weken voornamelijk in uitgestrekte en lege gebieden te hebben rondgedoold, was de heksenketel van Las Vegas behoorlijk wennen.


We hebben gegeten in hotel/casino Rio, dat naast ons hotel/casino Gold Coast ligt en waar ze een grandioos en mega-uitgebreid buffet hebben.


In ons eigen hotel zat trouwens een Chinees restaurant, waarvan de naam rechtstreeks uit de Donald Duck leek te komen. Moet een briljante geest zijn geweest die dat heeft verzonnen, waarschijnlijk na een krat bier genuttigd te hebben en toen maar wat heeft gedaan om er vanaf te zijn.

We kwamen vanuit een andere hoek het casino binnen toen we terugkwamen en dan is het echt even zoeken. Want je kunt je heel moeilijk oriënteren: overal gokmachines, pokertafels, geen ramen en die casino’s zijn kolossaal.


En foto’s nemen moet je heel stiekem doen, want je hebt meteen beveiliging op je nek, omdat dat verboden is. Maar waar je ook naar toe gaat, je moet altijd door het casino. De gangen in het hotel boven zijn eindeloos lang en eigenlijk griezelig. Althans, ik vind ze griezelig. Al die kamers en je bent constant voorbereid dat er ineens iemand achter je loopt, dood of levend.

Morgen begint de uitmergelende reis naar huis. En ook al zal het heerlijk zijn om weer thuis te zijn, bij vier harige vriendjes die dolblij zullen zijn dat we terug zijn, je eigen bed, je eigen badkamer, het verlangen zal blijven. Het verlangen en de heimwee naar dit prachtige continent, waar we weer zoveel leuke en aparte mensen hebben ontmoet en weer prachtige dingen hebben gezien. We hebben het al vagelijk over de volgende keer gehad. Maar daar zullen we nog even op moeten wachten…

Oatman en Laughlin

Trouwe lezers weten dat we al vaker in Oatman zijn geweest. Een oud mijnwerkersstadje aan de route 66 waar de burro’s (een soort ezeltjes) vrij rondlopen en gekoesterd en verwend worden. Zoiets als ons kattengespuis thuis. Het is er heel commercieel en toch altijd leuk om weer naar toe te gaan.
Het ligt een kilometer of vijftien van onze camping vandaan. In de camper of met de auto stelt het helemaal niks voor, maar denk eens aan de vroegere bewoners, die dit stuk op een paard, lopend of in een huifkar aflegden. Dat is al heel wat, maar die daar ook woonden. In houten huisjes, geen airco, zelfs geen ventilator. Een open raam was alles voor verkoeling en in de winter een fornuis. Het enige communicatiemiddel dat ze hadden waren de burro’s.
Die brachten de mensen van en naar de mijn, daar werd het voedsel en de post mee vervoerd, alles eigenlijk.
Toen het stadje leegliep werden de burro’s vrijgelaten om in de woestijn rond te trekken. De burro’s die nu Oatman bevolken, zijn de rechtstreekse afstammelingen daarvan.

DSCN1294

DSCN1296

DSCN1302

DSCN1322

DSCN1401

Ze zijn slim en aan het eind van de dag, als de toeristen vertrekken, gaan zij ook op weg om de nacht in de omringende woestijn door te brengen en dan komen ze de volgende dag weer terug. Voor al het lekkers dat ze van de toeristen krijgen.
Je moet uitkijken om niet in dampende vijgen te stappen, maar dat is denk ik een deel van de charme.

De winkeltjes zijn onveranderd leuk en bieden allerlei interessante dingen aan, net als veel goedbedoelde zooi. Dingen die toeristen graag kopen en thuis denken: wat moet ik er eigenlijk mee?

DSCN1300

DSCN1312

Het was leuk er weer eens rond te kijken en te zien dat de burro met het geknakte oor er na een aantal jaren ook nog steeds rondliep.

DSCN1318

Onderweg zagen we struiken die in kerstversiering getooid waren, net als de vorige keren en de bedoeling ervan is ons nog steeds niet duidelijk. Eentje was zelfs getooid met een foto van dat ergerlijke ettertje, hoe heet hij ook alweer… O ja, Bustin Jieber.

DSCN1288

DSCN1289

Twee keer per dag geven een paar senioren een zogenaamde wildwest show op straat, waarbij onder andere een pinautomaat wordt overvallen.

DSCN1398

Flauwe mopjes die al jaren hetzelfde zijn. Na de show gaan ze met de hoed rond. Het geld dat ze ophalen wordt integraal geschonken aan een ziekenhuis in Phoenix, die daarmee het vervoer van patienten bekostigd die het niet zo breed hebben. Dat is door al die jaren heen in totaal al opgelopen tot $85.000,-. Dan wil ik wel gemaakt grijnzen om een flauw grapje: die mannen zijn onbetaalbaar!
Bij hun show schieten ze ook zogenaamd met pistolen zonder kogels, die wel veel lawaai maken. Tot grote schrik van een paar kleine kinderen en een oude hond.

Aan de overkant van de Colorado rivier ligt het gokstadje Laughlin zoals ik al vertelde. Het was heel lang geleden dat ik daar was en Henrie was er nog nooit geweest. Dus tijd er een keer doorheen te rijden. We zijn zo vaak in Bullhead City geweest aan de overkant, maar hier nog nooit.

DSCN1348

DSCN1358

DSCN1359

DSCN1364

Het stelde niet veel voor. Casino’s, leuk, maar niet zoals in Las Vegas waar ieder casino een pretpark is.
We hebben even in de Colorado Belle rondgekeken, maar buiten gokken was er niks. Tijd om door te rijden dus.

DSCN1366

Bij de Walmart in Kingman heb ik werkelijk heel merkwaardige figuren gezien, van wie je je afvroeg of ze wel bestonden. Ik zocht een bepaald artikel en een meneer vroeg aan de meneer die er stond of ze het sowieso verkochten.
De ziel begon meteen te zoeken en na wat gepruts zei ik: nee, ik geloof niet dat het er is. Hij hield meteen op met prutsen en vroeg met de speciale stem en dictie die bij geestelijk gehandicapten hoort: If they ask you, will you tell them I served you well? (als ze het vragen wil je dan zeggen dat ik je goed geholpen heb?)
Nu was ik op alles voorbereid, maar niet dit. Dus ik vroeg een beetje simpel: Sorry? Hij prutste meteen weer verder tot ik hem verloste met de woorden dat ze het echt niet hadden.
Even later zag ik hem lopen met een winkelkarretje waarin hij alle spullen verzamelde, die mensen her en der in de schappen hadden gegooid en die daar niet thuishoorden.
Mijn vraag was duidelijk boven zijn krachten geweest en hij deed zo zijn best. Jammer dat niemand me wat vroeg, ik had hem graag bejubeld.
Toen we er naar binnen liepen, kwam er een klein, heel dik vrouwtje naar buiten die een heel strak t-shirt om haar ribbel droeg. Ze was net het Michelin mannetje en op haar t-shirt stond: This morning I woke up gorgeous…

We gaven het op en reden door naar de camping van vannacht, in Williams. Onze coördinaten hier zijn: N35.32878 W112.15796

Van Daisy May naar Las Vegas

De volgende ochtend hebben we nog even verder genoten van Daisy May en die geweldige mensen. Wat houden ze van haar en wat is het een gelukkig hondje. Ze kunnen met haar sollen en doen: ze vindt alles leuk en geniet van de aandacht.



We kwamen camera’s en ogen tekort, het was genieten. En dan te denken dat dit geweldige dier een hoopje nutteloze botjes in de woestijn had kunnen zijn. En nu moet ik jullie nog wat vertellen. Een paar dagen geleden waren we op een camping waar we een Hollander ontmoetten. Ik zag het al aan hem en bovendien zijn Nederlanders het enige volk dat ik ken, dat de trouwring rechts draagt als ze niet gelovig zijn. Maar dit terzijde. We kwamen met hem in gesprek, praatje pot zoals dat heet en ’s avonds toen ik een rondje maakte over de camping, kwam ik hem weer tegen. Dan klets je nog even en ik vertelde dat we onderweg waren naar Utah en het verhaal over Daisy May die we in de woestijn vonden met een touw om haar nek.
Dat het voor ons best ingrijpend was, zo’n uitgehongerd en uitgedroogd diertje aan boord, wat helemaal niet mag in een huurcamper. Dat meenemen naar Europa geen optie was en dat we best in een dilemma zaten over wat te doen.
En weet je wat hij zei? En ik zweer jullie dat hij geen grapje maakte, het begrip humor was hem volgens mij sowieso geheel onbekend, hij zei: ‘Tja, ik zou het ook niet geweten hebben. Maar weer vastbinden denk ik en verder rijden…’
Kun je je dat voorstellen? Ik zal nu niet gaan beweren dat hij waarschijnlijk zijn vrouw mishandelt en zijn kinderen terroriseert, maar mijn mening over hem was wel definitief. En het feit dat hij een armzalig tot totaal geen gevoelsleven moet hebben is daar een onderdeel van. Wat een ongelooflijke….. Hier mogen jullie het toepasselijke woord zelf invullen.
Ik keerde hem mijn magere achterkant toe en snelde naar de camper om het lekker aan Henrie te vertellen, waarna we die vent nog even zwaar beroddeld hebben. Ik hoop dat zijn oren gloeiden.
Terug naar Utah en Daisy May. Kendall, één van de dochters van Kasey, zou ’s middags meedoen aan een wedstrijd voor Rodeo Queen. Het paard waar ze op zou rijden moest gewassen worden en werd daarna vastgezet om te voorkomen dat ze niet heerlijk in het rode zand zou gaan liggen rollen.

mooie paarden
mooie paarden

 

 

 

Ze hadden trouwens meerdere paarden en er zaten pracht exemplaren tussen.

 

 

 

 

nieuwe vriend
nieuwe vriend

 

 

 

 

 

Eentje vond Henrie wel aardig en dat zag er stoer uit.

 

 

 

 

 

Moon
Moon

 

 

Het moet heerlijk zijn om in zo’n omgeving op te groeien met al die dieren om je heen. De oudste en beste vriend van Treydon is Moon. Moon kan best agressief zijn tegen vreemden, maar Henrie vond hij aardig en liet zich braaf door hem aanhalen. Waar hij natuurlijk uitbundig voor werd geprezen.

 

 

 

 

kleine cowboy
kleine cowboy

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
 

 

 

 

 

 

Uiteindelijk moesten we gaan rijden. We hadden een behoorlijke rit voor de boeg, die ons onder andere door Monument Valley zou leiden.
Ik vind Monument Valley één van de prachtigste plekken in Amerika en we kunnen ons er uren aan vergapen.

Monument Valley
Monument Valley
ikke
ikke

Mijn gevoelens waren wel gemengd, want meteen gaan je herinneringen terug aan dat wanhopige hondje dat zich aan me vastklampte, slechts uren verwijderd van haar dood. En nu zie je de dode honden liggen langs de weg en andere honden in die hitte lopen en je weet: Indianen zijn rotzakken met die dieren.

camping
camping

 

 

 

Tussen de bergen zagen we de groene omgeving waar onze camping vorig jaar was, waar we met Daisy May overnacht hebben.

 

 

 

 

vindplaats
vindplaats

 

 

 

 

Achter het bord: Welkom in Arizona stond deze keer geen wanhopig hondje, gelukkig niet.

 

 

 

 

Ons einddoel was Tuba City. We hebben daar al vaker overnacht, de campings in dit gebied zijn dun gezaaid. Het terrein is achter een hotel: de Quality Inn. Weet je wat een kamer daar kost? $141.95. Dat is ongeveer 114 pleuro, ga je lekker? Een Duitse meneer voor ons greep nog net niet naar z’n hart toen hij de prijs hoorde en hield zich wankelend aan de balie vast. De dame van de receptie vertelde hem waar nog een hotel was, maar op een toon alsof hij die kamer met allerlei ongedierte zou moeten delen. Bijna 142 dollar, gaat je mond niet verder open?

paarden in Tuba City
paarden in Tuba City

 

 

 

Tuba City ligt ook in het Indianenreservaat en één van de dingen waar je dat aan kunt merken is de paarden die vrij in de stad rondlopen, een ander ding zijn de doodgereden honden.

 

 

 

 

Voordat we de volgende ochtend aan de enorme rit van 275 mijl begonnen (dat is 440 kilometer) stapten we nog even een Walmart binnen voor wat kleinigheden. Hoe geweldig ik de supermarkten hier ook vind, sommige dingen ontgaan me. Bijvoorbeeld douchepuffs die bij de pasta hangen. Misschien zoiets van: je mag ongewassen geen pasta eten. Of: waar moeten we deze rotzooi nou weer kwijt. Ach, hang daar maar, als we er maar vanaf zijn.

potjes mayonaise
potjes mayonaise

 

 

 

Mayonaise wordt in bescheiden verpakkingen verkocht.

 

 

 

Maar toen waren er geen excuses meer, we moesten gaan rijden. Naar Bullhead City, waar onze favoriete camping buiten de stad en midden in de woestijn op ons ligt te wachten. Als we in de buurt zijn, beginnen of eindigen we onze vakantie altijd daar. Vanwege de doodse stilte en de rust. De rit er naar toe, hoe eindeloos dan ook, verveelt niet.

kleuren
kleuren

 

 

 

 

Je ziet de prachtigste kleuren die zich door een camera niet eens zo goed vast laten leggen.

 

 

 

 

andere kleuren
andere kleuren

 

 

 

 

 

 

 

 

Route 66: commercieel Seligman
Route 66: commercieel Seligman

 

 

Een deel van de route ligt langs de historische Route 66 en als afwisseling is het dan leuk om door een plaatsje te rijden waar deze Mother of the Roads doorheen loopt. Die plaatsjes zijn natuurlijk helemaal op het toerisme afgestemd en zijn zo commercieel als de pest, net als dit gehucht: Seligman.

 

 

Tijdens het rijden heb ik getracht een stukje te filmen.



Je rijdt uiteindelijk langs de Colorado rivier die de natuurlijke scheiding is tussen Arizona en Nevada. Aan de overkant van de rivier ligt Laughlin, waar de casino’s het beeld overheersen.



raderboot casino: Colorado Belle
raderboot casino: Colorado Belle

Alles is groen in schrille tegenstelling tot de dorre, gortdroge omgeving waar wij doorheen reden. Maar wij vinden dat prachtig en genieten meer daarvan dan van het onnatuurlijke van Laughlin. De camping was er nog altijd, maar onze vriend Dewayne niet. Er waren andere eigenaars gekomen en die hebben bij de overname hem de laan uitgestuurd en een echtpaar als beheerder neergezet. Dewayne was er ‘pas’ vijftien jaar, maar dat maakt in Amerika niets uit. Daar kun je na dertig jaar trouwe dienst nog van de ene op de andere dag op straat worden gezet.

zonsondergang
zonsondergang

 

 

 

We installeerden ons en genoten van de zonsondergang die zoals altijd prachtig was.

 

 

 

 

Nestje met twee jonge Cactus Wrens
Nestje met twee jonge Cactus Wrens

 

 

In de ene cactus bij onze camper had een koppel Cactus Wrens een nest gemaakt en in deze barre omgeving waren ze heel de dag bezig om hun twee kinderen van eten te voorzien.

 

 

 

 

Cactus Wren ouder
Cactus Wren ouder

 

 

 

 

 

 

 

 

Roadrunner
Roadrunner

 

 

 

 

Ook de Roadrunners woonden er nog en bekeken ons wantrouwig, waarna ze verder renden.

 

 

 

 

 

Tien mijl verderop ligt het stadje Oatman. Die tien mijl wordt tegenwoordig afgelegd per auto, camper, motorfiets of trike, maar vroeger moest je je dus in die bedwelmende hitte verplaatsen.


Burro
Burro

 

Oatman was eens een goud- en zilvermijn stadje waar zo’n tienduizend mensen woonden. Nu wonen er een paar mensen en de grootste attractie zijn de burro’s die rechtstreeks afstammen van de burro’s die eens zorgden voor het vervoer van mensen, proviand, gereedschap en nog meer dingen die je op de rug van zo’n dier kunt vervoeren.

 

 

Oatman
Oatman

 

 

 

 

Zonder hun aanwezigheid zou Oatman niet meer dan een verlaten spookstadje zijn.

 

 

 

 

vergadering
vergadering

 

 

 

 

 

 

 

 

waarschuwingsstickertje
waarschuwingsstickertje

 

Zo te zien waren alle damesburro’s in verwachting en de veulens liepen nog steeds met een stickertje op hun hoofd. Een aantal jaar geleden was dat nog een plaatje van een verbodsbordje met een worteltje en door de jaren heen zag je de waarschuwingen steeds dringender worden. Ook in de etalages van de winkels wordt er op aangedrongen de jonge burro’s niet te voeren.

 

En nog steeds zijn er sukkels die het toch doen, want: zo zielig, dan krijgen ze niks. Terwijl die veulens dus stikken in die wortels en er zijn er al heel wat overleden aan ingewandsstoornissen, omdat ze nog niets anders mogen hebben dan de melk van hun moeder.

 

Dit soort plaatsjes is altijd een grote attractie voor motorrijders, zoals je ook kon zien op het filmpje van Seligman. Hier kwamen ook heel veel trikes naar toe.



We aten wat in één van de twee eetgelegenheden dat dit plaatsje rijk is. Die ene, waar het helemaal vol hangt met dollars. Duizenden en ze zitten overal, sommige volgeschreven met boodschappen en namen.



De laatste avond was aangebroken, dat betekende de boel inpakken. Een karweitje waar je altijd toch weer langer mee bezig bent dan je denkt. Maar toch hadden we nog tijd om buiten te zitten en wat nachtleven van de woestijn te bekijken.

pad
pad

 

 

 

Zoals een grote pad die ineens voor het washok zat.

 

 

 

 

enorme sprinkhaan
enorme sprinkhaan

 

 

 

Maar wat denk je van deze enorme sprinkhaan die iedere avond wat hapjes cactus kwam nemen. Dat denk ik dan, want hij ging er iedere keer weer in zitten.

 

 

 

enorm
enorm

 

 

 

 

 

 

 

 

spin
spin

 

 

 

Een enge spin kwam ook nog even kijken en kleine kakkerlakken.

 

Allemaal aangetrokken door het licht bij het gebouwtje met kantoortje en washok.

 

 

Onze camper lag in het donker, in verband met het ongedierte dus helemaal niet erg.

genieten
genieten

Heel lang konden we niet buiten zitten, de volgende dag moesten we om zeven uur op pad om om uiterlijk half elf de camper in te leveren in Las Vegas waar we onze laatste dag zouden doorbrengen. Een rit van 120 mijl en een deel van dat traject zou ook nog door Californie lopen.

welkom in Nevada
welkom in Nevada
gokkasten
gokkasten

 

 

Omdat we maar een middag en een avond in Vegas zouden zijn, hebben we ons deze keer tot Down Town beperkt waar ook genoeg te zien is. Natuurlijk talloze gokkasten in alle maten en vormen:

 

 

 


groot
groot

Downtown Vegas
Downtown Vegas


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

gokken aan de toog
gokken aan de toog

 

 

In zo’n casino heb je wel bars, maar de toog nodigt niet echt uit tot lekker hangen. Tientallen gokmachines zitten erin verwerkt en het beeldscherm is onderdeel van de bar.

 

 

 

Niet mijn idee van gezellig een biertje drinken, dus dat deden we dan ook maar niet. Geeft niet, op straat is genoeg te zien. Zoals deze straatmuzikanten:



Maar ook deze man die heel enge dingen met zijn schoudergewrichten doet (huiver), ik werd er een beetje eng van. Zelf vond hij het geweldig en wilde ook ieder moment applaus horen.


ongemakkelijk
ongemakkelijk

 

 

 

In het casino hebben we nog even stil gestaan bij het zwembad om te filosoferen hoe deze meneer nu lekker zou kunnen liggen.

 

 

 

We kwamen er niet uit en zijn maar doorgelopen. Wat ook heel erg opviel waren de mensen met tatoos. Tegenwoordig kijkt niemand nog op van een tatoeage, maar wat hier rondliep was gewoon bizar. Alsof er een festival van getatoeëerde mensen was. Je moest af en toe gewoon zeggen: verdraaid, die heeft er geen! Ik bedoel dan niet een tatoeage zoals een afbeelding of een hartje met pijl en daaronder mamma. Nee, je zag geen stukje ongeschonden huid meer, alsof ze met shirts met lange mouwen liepen. Maar ook volgekliederde benen en tenen.
Kennen jullie die oorringen die in iemands oorlel zitten? Dat ze zo’n gat erin hebben zitten? Zelf vind ik ze huiveringwekkend lelijk, maar mijn mening doet er niet toe. Ik zag hier lellen met enorme ringen, vreselijk en ik denk dan altijd: en later? als je er niks meer aan vindt? Dan zit je met zo’n enorm gat in een vreselijk uitgerekte oorlel.
Gelukkig dat ik me niet druk hoef te maken over zulke situaties. Ik heb niet eens gaatjes in mijn oren, ik heb van nature al genoeg gaten om er niet nog eens een paar bij te hoeven laten maken. Ieder het zijne.

Het was leuk de Fremont Street show weer eens te zien en al die gekantelde hoofden van mensen die omhoog kijken.



Zes uur moesten we op de volgende ochtend. Dat is vroeg, maar we moesten om kwart voor acht op het vliegveld zijn. De meneer van de taxi had sinds vier uur die ochtend dienst en wij waren zijn eerste ritje om kwart over zeven. Dan duurt de tijd heel lang en je kunt niet zeggen van: ik ga wel even lekker maffen, want dan loop je zeer zeker vracht mis.

We werden vanuit de lucht nog getrakteerd op prachtige uitzichten vanwege het heldere weer.

Hoover dam
Hoover dam
Grand Canyon
Grand Canyon

Onverbiddelijk zakte Amerika steeds verder onder ons weg en met een kneep in ons hart wisten we dat het voor deze keer toch weer echt voorbij was.

We zijn ondertussen weer thuis en zoals altijd richt ik de laatste woorden van ons blog aan Uncle Sam. Om te bedanken voor al het verbijsterend mooie dat hij ons heeft laten zien en de leuke en aparte mensen die we hebben mogen ontmoeten.

Je schoot en borst waren weer heel erg gastvrij, Uncle Sam. Het was geweldig, iedere dag opnieuw en het doet een beetje zeer dat we nu weer een jaar moeten wachten voordat we opnieuw bij je op visite kunnen komen. We verbazen ons iedere keer opnieuw en dingen die we al eerder hebben gezien, blijven prachtig en boeiend. We zijn blij dat we Daisy May weer hebben mogen zien en het is hartverwarmend te zien dat ze is opgegroeid tot een blij, onbezorgd hondje in een fantastische omgeving bij mensen die stuk voor stuk gek op haar zijn.
Elf staten hebben we bereisd en ongeveer 6100 kilometer gereden. Vanuit ons nieuwe vaderland België groet ik je en wens je het allerbeste en hopelijk tot volgend jaar!

 

Van de hitte naar de koelte

Dewayne en Pugsley
Dewayne en Pugsley

We gingen weer op weg. We namen afscheid van Dewayne en Pugsley en Dewayne beloofde onze namen op ons plekje te zetten. De camping is niet spectaculair, maar ik zou er zomaar kunnen wonen. De droogte, de aardse schoonheid, de stilte, aan de andere kant: een degelijke kroeg is nergens te bekennen.

Onze weg leidde ook door Oatman en weer geen burro te zien. Nergens, ook niet onderweg. Alleen de grote hoeveelheden keutels toonden hun aanwezigheid aan. Het kon ook zijn om de toeristen te laten weten hoe ze over hun denken.
De weg was bochtig en ook haarspeldbochten ontbraken niet, maar de omgeving maakte dat allemaal goed.

Onderweg van Oatman naar Kingman
Onderweg van Oatman naar Kingman

Dit is mijn favoriete omgeving: barbaars en droog, maar ook vol van leven en schoonheid. De foto’s zijn een flauwe afspiegeling van de realiteit. Het valt gewoon niet vast te leggen, ik heb wel een poging gedaan, kijk maar.

langs de weg
langs de weg
verte
verte
oude mijnschacht
oude mijnschacht

We kwamen een nauwe mijngang tegen. Hoogstwaarschijnlijk om goud te winnen gezien de witte steenlagen, goud zit daar vaak. Het was hermetisch afgesloten, want dat soort dingen is natuurlijk levensgevaarlijk.

Ik keek even een andere kant uit en ja hoor, daar ging Henrie. Hij moest en zou proberen of hij er echt niet overheen kon klimmen.

ja hoor
ja hoor

Ik realiseerde me ineens dat ik nog geen foto van de camper heb laten zien en die is toch wel de aanblik waard, toch?

camper
camper

Omdat het vroeg in het jaar is, staat er nog van alles in bloei in die gortdroge omgeving. Als je iets later komt is de dorre droogte alleen dorre droogte, nu kun je je nog verbazen over van alles.

woestijnbloem
woestijnbloem
gele woestijnbloem
gele woestijnbloem

Een apart iets dat je door heel Amerika ziet zijn de graven. Kruizen langs de weg, vaak met bloemen en spulletjes. Ik heb me laten vertellen dat daar inderdaad mensen zijn begraven en dat het niet alleen gedenktekens zijn.

graf
graf
grafjes
grafjes

Onderweg hebben we nog een WalMart aangedaan en daar zagen we nog van die types die je nu op allerlei pps’jes voorbij ziet komen. Ik stond met mijn camera klaar maar had net het lef niet.

Inhoudelijk hebben we niet zoveel gedaan, we hebben een roteind gereden: 177 mijl, ongeveer 283 kilometer. Dan ben je toch wel behoorlijk moe, geloof me. We zijn nu in Williams, Henrie staat buiten vlees te verbranden en ik ga even tafel dekken. We zitten hier behoorlijk hoog en van de woestijnhitte is geen sprake. Je ziet ook alleen maar naaldbomen.
Morgen vroeg op, heel vroeg. We gaan naar de Grand Canyon en wat is geweldiger dan daarvan te genieten voordat de busladingen mensen komen?
Nu geniet ik ook, van de prachtige lucht, geschilderd door de ondergaande zon…

avondlucht
avondlucht

van de sneeuw naar de woestijn

Wat een weer hebben we gehad, ongelooflijk. De volgende ochtend zijn we uit Holbrook vertrokken. De hemel werd zwarter en zwarter en toen Henrie de boel los ging koppelen begon het gezelligjes te hagelen. Met een wit petje kwam Henrie briesend binnen en daar gingen we. Eerst natte sneeuw, toen gewone sneeuw en toen nog meer gewone sneeuw. En natuurlijk werd de weg steeds slechter, ondanks het geploeter van sneeuwschuivers.

sneeuwploeg

Maar we hadden nog geluk: aan de andere kant van de snelweg stonden kilometers en kilometers in hoofdzaak vrachtwagens.

vrachtwagens in file

Op een gegeven moment was nog maar een baan te berijden en bij Flagstaff lag zoals beloofd ruim dertig centimeter. Hoppa en dan kom jij aanglijden met zo’n bak.

En dan opeens is het weg.

sneeuwloos

We hadden nog een paar dingen nodig en zijn bij een winkel gestopt. Jullie weten wel…

wal mart

Nou is er iets wat me hier toch wel erg tegenstaat en dat is hoe achteloos met alles wordt omgegaan. Qua electriciteit, qua alles. Neem nou in de supermarkten, je ziet (althans, ik heb het nooit gezien) nooit dat mensen boodschappentassen meenemen. Altijd krijg je voor ieder lullig boodschapje tasjes mee. Moet je nou zo’n tasjescarroussel zien.

tasjes

Soms twee dingetjes, hop, tasje. Wij gebruiken die tasjes als vuilniszakje en je ziet ook wel winkels met bakken waar je die gebruikte tasje in kunt doen bij je volgende bezoek. Maar als ik dan denk aan Belgie waar je al, ik denk, twee jaar geen tasje meer krijgt. Wil je er toch eentje, dan moet je ervoor betalen. In Nederland gaat dat ook komen en er wordt altijd gevraagd of je er wel eentje wilt. Wil je dat, dan wordt dat ook helemaal volgepropt en niet zo van twee dingetjes – hoppa – nog een tassie.
Gevolg is dat zodra je hier bij een stad ook maar een open stukje land hebt, dat het dan ook bezaaid is met tasjes, stukken plastic, van alles. Het lijkt wel een vuilnisbelt. Langs de wegen zie je borden met wat voor boetes je kunt krijgen als je vuil zomaar weggooit. Nou, je moet de zooi langs de wegen zien!
Bierblikjes, flesjes en die plastic tasjes dus. Of je rijdt achter een vrachtwagen en ineens zie je dat de verpakkingen van een Mac Donald menu zo het raam uit worden gesmeten.
En wat me helemaal irriteert is hoe ze met eten omgaan hier. Vooral in Las Vegas word je daar goed met de neus opgedrukt. Bij voor zover ik weet alle casino’s heb je buffetten. Ontbijt, lunch en diner. Eet wat je wilt en zoveel je wilt voor dezelfde prijs.
Je ziet mensen aankomen met een afgeladen bord voedsel, ze nemen twee happen, laten de rest staan en gaan nieuw halen. Niet proberen van: lust ik dat. Nee, hop, stapelen en laten staan. Enorme glazen cola waar een slokje van wordt genomen. Ze willen een refill en drinken het niet op.
Als wij in Nederland ergens eten waar een buffet is en je ziet dat mensen een berg eten laten staan, zijn het ge-ga-ran-deerd Amerikanen. Ik persoonlijk vind het dan ook een prima idee dat restaurants waar je dat doet je een rekening presenteren van verknoeid voedsel. Want ze hebben er niks meer aan.
Goed, dit terzijde.

Het weer knapte gaandeweg wat op en na een lange, vermoeiende rit kwamen we aan in Bullhead City. Het was niet de bedoeling zo ver te rijden, maar als het toch zulk weer is, waarom niet?
In Bullhead City gaan we eigenlijk altijd naar dezelfde camping. In de woestijn, lekker rustig, om niet te zeggen doodstil. Heerlijk. De zon scheen en het was prachtig weer.
Henrie was binnen aan het spelen met de computer en ik hield de camera vast, dus dan maar weer een foto van de camper.

zon

In de verte zie je bergen van Nevada en toen de zon onderging was die binnen vijf minuten daarachter verdwenen.

zonsondergang

Nou denk je misschien: maar waarom nou altijd naar die camping? Omdat die vlakbij onze volgende bestemming ligt. Oatman.

Oatman

Oatman is ook zo’n heel oud mijnstadje, ik heb er al vaker over geschreven op ons blog. En hoe commercieel ook, het is zo leuk! En overal burro’s, een ezelsoort die heel lang geleden de mensen van en naar de mijn brachten en gebruikt werden voor transport van goederen enzo. Deze burro’s zijn de directe afstammelingen daarvan.

burro's

In Oatman wonen verspreid over de heuvels zo’n 150 mensen en die zijn allemaal gek op die dieren. En ze moeten soms met lede ogen aanzien hoe stom toeristen ermee omgaan. Ze zijn natuurlijk leuk en vertederend, maar kijk nou uit wat je doet.

kroelen

Toen we er twee jaar geleden waren, liepen die kleintjes al met een stickertje op hun hoofd geplakt waar een verbodsbord met een worteltje opstond. Dat lijkt me duidelijk genoeg. Schijnbaar niet, nu staat er expliciet op dat ze absoluut niet gevoerd mogen worden. En nog hoorde ik iemand zeggen: ach, wie heeft dat nou gedaan?

stickertje

Die kleintjes zogen nog en hebben een melkgebit. Die zijn dus nog niet in staat om al die goedbedoelde wortels te verwerken. In Oatman worden geen wortels meer verkocht: er komen in het seizoen zo’n 500.000 toeristen. De burro’s werden dik en kwabbig van al dat extra voer. Niet zo dik als sommigen mensen, maar het was toch niet gezond meer.

ook door de wortels?

Dus nu nemen mensen zelf wortels mee. En echt, je zag meer dan de helft van de aanwezige mensen met grote zakken wortels lopen. Met als gevolg dat die burro’s steeds opdringeriger worden. Ik heb gezien hoe ze die zakken uit de handen van mensen trokken en het plastic kapotscheurden. Hoe zakken uit tassen werden gerukt. Ze kunnen soms aggressief worden als ze een keer niks krijgen.
Ik sprak een mevrouw die een zaak met zelfgemaakte, prachtige sieraden had. Ze zei met een zucht: “Wat we hier niet meemaken! Ik woon hier al 23 jaar, maar ik zou er een boek over moeten schrijven. Ik zeg zo vaak dat ze de jongen niet moeten voeren en hoe vaak ik de vraag niet heb gehoord: maar hoe zie je nou welke de jongen zijn?
Of: o, maar ik vind het zo zielig als ik ze niks mag geven! Nou, door dat gevoer van die kleintjes zijn we er al een paar kwijtgeraakt. Ze zien niet hoe zielig het is, als je bij zo’n dood jong staat. Of de vraag als ze burro’s zien met vlekken: is dat nou een kruising van een ezel met een Holstein koe?”

moeder en kind

Die beesten leven net zo lekker als onze katten en soms zie je zo’n jong heerlijk liggen en een dut doen.

moe

Ze vertelde dat mensen dan helemaal paniekerig gaan doen: “Er is iets met hem aan de hand, hij heeft koliek, hij ademt raar, laat iemand iets doen en ze lopen vier kanten tegelijk op”. Even later staat het burro’tje op en wandelt verder.
Of de vraag: zullen de burro’s er met Pasen ook zijn? Dat ze dan niet kon laten te zeggen: ja, maar ze gaan eerst naar de kerk en dan een buffetje maar dan zullen ze hier wel zijn. Of iemand die vroeg wanneer de geiten weer kwamen. Geiten?
We moesten wel lachen om haar relaas, maar snapten de wanhoop wel.

Iedere dag worden er shows opgevoerd op straat. Zogenaamde bankrovers die elkaar overhoop schieten, veel zweepgeknal, dat soort dingen. Daarna komen ze met de hoed rond, richten het pistool op je en zeggen: please? Het geld dat ze daarmee ophalen gaat in zijn totaliteit naar goede doelen voor kinderen. Zoals vervoer van de ouders naar het Shriner kinderziekenhuis, fietsen voor kinderen uit doodarme gezinnen. Ze doen dit al jaren en hebben al veel goeds kunnen doen.

show

Tussen de bedrijven door loopt een soort muzikant de straat op en neer. Een Wild West Nikkelen Nelis zal ik maar zeggen, kortom, het is gewoon echt heel leuk om er naar toe te gaan.

muzikant

Natuurlijk konden we het niet laten om in een zaak een grote thermometer met Budweiser erop te kopen voor aan de muur naast het terras. En een oud Coca Cola bordje voor in onze beroemde kelder.

Je hebt er twee eetgelegenheden en dus gingen we in die ene eten. HA! Die zaak hangt letterlijk helemaal vol met dollarbiljetten.

dollars
nog meer dollars
en nog meer dollars

Het was een oud gebruik in de tijd toen het nog een mijnstadje was dat de mannen een dollar aan de muur prikten. Dat betaalde dan hun enorme glas bier aan het eind van een dag hard werken en meteen ook voor de hele week. De barman hield het ook bij en was daarmee ook verzekerd van zijn geld als er onder de grond een ongeluk gebeurde. Toeristen hebben dit gebruik overgenomen, er hangt daar een behoorlijk fortuin. De hamburger was goed en het weer stralend. Geweldig allemaal dus.

Een mevrouw heeft op haar toonbank een kussentje maar daarop een oude versie van onze Gijsje.

oud gijsje

Die kat is daar gedumpt en woont zo bij haar overdag. Als ze er een keer niet is neemt automatisch iemand anders de zorg over. Naar huis kan ze hem niet meenemen: ze heeft thuis nog een kat en die twee zouden elkaar de tent uitvechten. Net zoals hij al vaak ruzie heeft met een Siamees die in de buurt woont. Typisch, dit verhaal komt me bekend voor. Ze heeft een kussentje op de toonbank gelegd, want anders gaat hij aldoor op haar stoel zitten. Bediendes zijn we, meer niet. Stinkbeesten.
Ik durf dat hier te schrijven, ze kunnen toch niet lezen. Anders deed ik het niet: ik ben niet levensmoe.

De twee kleine burro’s die we eerder zagen kroelen, zagen we nu stoeien en het deed ons aan onze Sammie en Billy denken. Sammie springt ook iedere keer op Billy om hem in zijn oren/hoofd/poten te bijten. Billy ondergaat dit en mept soms zachtjes terug. Maar meestal kijkt hij alleen ongelukkig en probeert zijn zussie van zijn rug te schudden en gaat daarna schijnboksen.

stoeien in plaats van kroelen

En als het makkelijker is om je rolstoel voorop te zetten in plaats van achterin, dan doe je dat toch gewoon:

rolstoelvervoer

Toen we echt alles hadden genoten gingen we terug naar diezelfde, zonovergoten camping: Blackstone RV park. De coordinaten? N34.97592, W114.53419
De woestijn bloeit en het is hier heerlijk.

bloeiende cactus

Het is lente en zoals ze bij ons nesten in de bomen maken, doen ze dat hier in de cactussen.

vogelnest in cactus
nestbewoner

Het slimme diertje ging in de wielkast naar doodgereden insectjes zoeken, net zoals we ook mussen door de grilruimte naar binnen hebben zien gaan.

nestbewoner op wiel

Kolibries zitten hier ook en zijn heel de dag bezig de honing uit de bloeiende cactussen te halen.

kolibri

Het is me gelukt zo’n supersnel vogeltje te filmen.


 
 
Vandaag hadden we door willen rijden naar Las Vegas, het is nog zo’n 117 mijl, een kleine tweehonderd kilometer. We zoeken normaal de laatste dag een camping vlakbij het inleverpunt, maar het is hier zo heerlijk dat we gisteravond besloten hebben morgen rond zeven uur te gaan rijden om om half elf bij Road Bear te kunnen zijn. We hebben tot heel laat buiten gezeten. Enorme vleermuizen zie je rond de lantaarns op de camping vliegen, overdag hoor je allerlei vogels. Las Vegas zal een enorme tegenstelling zijn, maar op zijn manier ook fascinerend. Ik ben dol op Vegas, ik ben er ook dol op het de rug toe te keren na een paar dagen.

Donderdag vliegen we terug. We logeren in het Riviera casino/hotel. Vorig jaar hadden we daar geen internet. Mocht dat nu nog zo zijn, dan stuur ik het laatste verslag van huis.
Want Las Vegas, dat willen jullie toch niet missen…

Onderweg

En we zijn op weg.
Gisteren hebben we de camper opgehaald. Je moet dan bellen hoe laat je kunt komen of hoe laat je wordt opgehaald. Wij zouden worden opgehaald tussen 11.45 en 12.15 uur. Nou kennen we dat: die ophaaldienst is gratis, maar heel de papierhandel rond het ophalen van zo’n camper is gigantisch. Plus dat je een filmpje te zien krijgt en ze nog eens de camper met je nalopen om alles nog een keer uit te leggen en eventuele schades vast te leggen.
Dus vroeg ik of we op eigen gelegenheid konden komen en dus vroeg met dat ding wegrijden. No problem, na negen uur ’s morgens. Half tien stonden we er. De rit met de taxi van 23 dollar ( is nog geen 20 euro) had ik er graag voor over. Het scheelt je gewoon een dag vakantie.
Om half elf reden we weg en ging richting Arizona. In zo’n camper heb je alle spullen die je nodig hebt, maar geen andere dingen. Dus wel: borden, bestek, beddengoed, etc (moet je wel huren), maar geen eten, drinken, w.c.papier en noem maar op. Road Bear zorgt wel voor afwasmiddel een keukenrol en een sponsje, de rest haal je zelf. Dus op naar de Wal Mart. Wal Mart is een keten die door heel Amerika zit en de winkels zijn mega groot. Net als bijvoorbeeld de Carrefour en dan nog een stukje groter. Een enorm supermarkt gedeelte en dan verder ook nog kleding, drank (heel belangrijk!), apotheek, camperspullen, meubels, afijn, alles zo’n beetje.
Omdat ik jullie dat wilde laten zien dacht ik: effe een paar foto’s maken. Bij de tweede foto kwam er een nijdig mannetje op me af die me vriendelijk toesnauwde dat klanten geen foto’s mochten maken. Eerst wilde ik hem beleefd fuck off en krijg de tering antwoorden, maar hier in Amerika kun je dat beter niet doen. Nou doe ik dat normaal ook niet, maar het klonk wel stoer zo in de tekst.
Overal hangen camera’s, die zitten in een soort donkerrode bollen tegen het plafond. In Las Vegas zitten die iedere meter zo’n beetje in de casino plafonds. Wij slingerdeslang de winkel door met twee karren. Want je wil groot inslaan en dan een paar dagen wegblijven uit winkels. Dat lukt ons toch niet; vanochtend kwamen we er achter dat we vergeten waren pindakaas te kopen. He, wat vervelend nu, moeten we weer zo’n machtige zaak binnenstappen.
Dit terzijde: we kwamen bij de wijn- en bierafdeling en daar zag ik een bordje, let op! dat als je onder de veertig, 40 ja, was moest je je legitimeren als je drank wilde kopen. Met zo’n beveiligingscamera boven zijn hoofd heeft Henrie er toch een foto van gemaakt. Hij zei: als ze er weer wat van zeggen, laten we die volle karren staan en doen we ergens anders onze boodschappen wel. Maar nee, geen nijdig mannetje, niks.
En toen gingen we op weg, naar Bullhead City, zo’n 175 kilometer verderop in Arizona. We waren behoorlijk afgedraaid, want hoe geweldig, fascinerend en boeiend ook: Las Vegas sloopt je.
Een deel van die weg gaat over de historische Route 66. Je ziet borden met free range, dat is hetzelfde als open range en dat betekent dat het vee los rondloopt en je dus op een ongelegen moment geconfronteerd kan worden met een kudde koeien die oversteekt. In Bullhead City gingen we naar de camping waar we al eerder hebben gestaan, heerlijk rustig. Je rijdt dan een poos langs de Colorado River, de natuurlijke grens tussen Nevada en Arizona. Aan de overkant bij al die casino’s is het groen en mooi onderhouden, aan de kant van Arizona waar wij reden, was het zoals het normaal is in die omgeving: droog, dor en woest.
Maar omdat we vroeg in het seizoen zijn, bloeien er veel struiken. Ik word wel eens verbaasd aangekeken als ik zeg dat ik zo gek ben op de woestijn. De woestijnen in Amerika zijn geen zandvlaktes, ja, ze zijn dor en droog maar ook tegelijkertijd fascinerend mooi. Ik kan me verbazen over al die planten en dieren die zich hier weten te handhaven en voort te planten. Daar zijn wij toch maar prutsers bij. Vanochtend zijn we naar Oatman gereden. Dat ligt zo’n twintig kilometer van Bullhead City vandaan en is een voormalig mijnstadje waar in de hoogtijd, in 1902, zo’n 35.000 mannen werkten en daarom waren er vijf bordelen in dat piepkleine stadje
Het is natuurlijk nu zo toeristisch als ik weet niet wat, maar toch vind ik het leuk en wil er iedere keer opnieuw naar toe als we in de omgeving zijn.
Niet tenminste vanwege de burro’s, een ezelsoort die rechtstreeks afstamt van de burro’s van honderd jaar geleden. Toen werden ze gebruikt om de mannen te vervoeren en voedsel en water. Die burro’s hebben ze daar laten lopen en bevolken nu het stadje. Overal zie je ze, gekoesterd en bemind door de huidige luttele bevolking. Je kunt bijna overal wortels voor ze kopen, maar die mag je niet aan de kleine burro’s voeren. Die zogen nog bij de moeders en hun ingewanden kunnen niet tegen al die wortels. Maar natuurlijk geven toeristen ze toch en dat hebben ze opgelost door die kleintjes een stickertje op hun voorhoofd te plakken met een tekentje erop dat overduidelijk zegt dat je ze geen wortels mag voeren.
Henrie kwam op zijn manier aan zijn trekken: er was net een bijeenkomst van een oldtimers club en allerlei zeer oude auto’s in perfecte staat stonden daar. Hij kwijlde nog net niet. Er werd ook een wild west show opgevoerd in de hoofdstraat en die mannen riepen ook dat je de burro’s niet moest voeren tijdens de show. Ze kwamen dan op je af en bleven zaniken en pakten je tas, want daar zat misschien lekkers in.
Iedereen gaf daar braaf gehoor aan, maar die burro’s zijn net zo eigenwijs als onze katten en stapten overal tussendoor. Op een gegeven moment werd ik aan mijn korte broek getrokken en zag een ongeduldige burro die toch wel even duidelijk wilde maken, dat hij nu lang genoeg op zijn lekkers had gewacht. Zonde, ik had niks voor hem.
We hebben nog in een saloon wat gegeten en weer viel het ons op: de stemmen van de yanks en met name die van de vrouwen. Als je nu met geknepen stem praat en je knijpt je neus dicht, dan weet je hoe de doorsnee Amerikaanse vrouw praat. Heel apart.
Ondertussen zijn we aangeland in Lake Havasu, waar een meer is midden in de woestijn met de antieke London Bridge er overheen. We zijn hier al diverse malen geweest, dus voor ons is het alleen een stop om te overnachten. Op dit moment is het hier 20.40 uur. Stikdonker, lekker stil en van Michael hoorde ik al dat het pestweer is thuis. Niet leuk voor jullie, wel goed voor de tuin.
Hier is het dor, droog en warm, maar de woestijnwind waait constant en dus merk je de hitte niet zo.
Nog een nutteloze mededeling: toen we in Las Vegas waren en de laatste keer op de bus stapten, lag er een orchidee op een bankje. Die heb ik meegenomen in mijn brillenkoker en in het hotel in een bekertje gezet.
Voorzichtig meegenomen en nog steeds siert die onze camper. Nou ja, zonde toch anders?

En stil dat het hier is! Net als thuis, maar dan warmer…