van-orlando-naar-st-augustine

Van Orlando naar St. Augustine

Natuurlijk waren de laatste weken van de zomer mooi en prachtig, maar de rest van het jaargetijde, inclusief lente, zijn prut geweest. Daarom vonden wij het een goed en hoognodig idee een vakantie in het najaar te boeken: naar Florida. Nu is iedere reden goed genoeg voor een bezoek aan Amerika, maar deze was nog net iets beter. Dus haalden de we koffers van zolder en stapten we op het vliegtuig dat ons eerst naar Washington DC bracht en daarna naar Orlando.

De eerste vlucht was ook de langste en daar krijg je dan een bescheiden maaltijd. Wij zaten achterin, vlakbij de toiletten. Wat goed aan de doordringende pislucht te merken was voordat we opstegen. In de lucht roken we het niet meer door de regelmatige luchtverversing. Een andere bijkomstigheid was dat er nog maar één menu over was toen het etenskarretje bij onze rij kwam en ik aan de beurt was: een vegetarisch maaltijdje. Het zag er uit als iets dat onze katten in de bak deponeren en waarschijnlijk smaakte het net zo. Henrie deelde broederlijk zijn kipmaaltijd met me. Dat kan liefde zijn, maar ook de angst ondergekotst te worden.

Vlak voor je landt krijg je een soort van ontbijt, doorgaans een broodje met iets vaags. Of het nu een plotselinge behoefte van United was aan iets exclusiefs weet ik niet, wel dat een kaasplankje met allerlei uiteenlopende soorten kaas en een bergje ham niet echt bevredigend was. Tussen vluchten door heb ik een broodje weggewerkt met een smaakniveau waarvan mijn vader zou hebben gezegd: it filled a hole…
Uiteindelijk bereikten we onze bestemming en haalden de huurauto op. Voor een luttel bedrag extra kregen we een SUV mee, die qua instap heel comfortabel was en over allerlei vernuftige speeltjes beschikte.

Thuis hadden we alvast een hotel voor de eerste nacht geboekt, zodat we niet hoefden te zoeken als we ’s avonds landden. Als je met United vliegt weet je namelijk nooit hoe lang je vertraging zal zijn. Nu was die een uur. We overnachtten in Sheraton Inn & Suites. Een werkelijk prachtig hotel in een schitterende omgeving. Ook hier moest iemand zo nodig een winkelwagentje achterlaten, terwijl er in de verste verte geen winkels te zien waren.

We stortten ons de volgende ochtend in het verkeer en hoe beleefd de Amerikanen ook zijn, hun rijstijl blijft ons verbazen. Zoals een jeugdige oma in een cabriolet, die tien kilometer lang voor ons reed met haar linker knipperlicht aan, hevig sigaretten rokend en sms’end. Natuurlijk op de linkerbaan, dat mag in Amerika dus dat doen ze dan ook. Richtingaanwijzers zijn ook een onbekend fenomeen, de één laat ze constant aanstaan, de rest gebruikt ze niet en laat jou iedere keer voor noppes wachten als je de weg op wilt. Ze slaan dan af vlak voor het punt waar jij al een poos beleefd staat te wachten, wat ze een serie verwensingen oplevert die ze helaas niet kunnen horen.

Voor de lunch mochten we voor onze favoriete maaltijd naar de Chinees. Dat is heel anders dan hier, met veel geroerbakte, knapperige groenten, niet overgoten met vette, rode sauzen waar je hartkloppingen van krijgt. We probeerden niet te kijken naar het spilzieke gedrag van de andere eters. Iedere keer in Amerika ergeren we daar ons rot aan. Ze laden hun bord vol, schrapen desnoods bakken uit om maar zoveel mogelijk op hun bord te krijgen. Dat een ander dan niks heeft is niet interessant, nemen twee happen en laten het staan. Net als hun enorme beker cola weer eens bij laten vullen, één slok nemen en de rest is voor de gootsteen. De berg voedsel die alleen al in één restaurant dagelijks in de vuilnisbak verdwijnt, is immens. De bordjes waarop staat: take all you like, but eat all you take (neem wat je wil, maar eet alles op wat je neemt) zijn er kennelijk voor de sier en dringen niet echt tot het netvlies door, want er zijn er niet veel die zich daar wat van aantrekken. Ik denk dat ze in dat restaurant nu nog over ons praten en onze keurig leeg gegeten borden ingelijst hebben.

We vonden een hotel net buiten het centrum van St. Augustine. Aan de overkant was een Engelse pub, die buiten de entourage weinig Engels had. We waren de enige klanten en de barman, die net meegesleept was in een aflevering van Star Trek, moest regelmatig gapen. We hadden de volgende ochtend al vroeg het stadje in gewild, maar hij vertelde dat er tussen acht en tien ’s morgens een zogeheten run was. Een grote groep mensen legden dan de afstand van vijf (!) kilometer af, joggend, lopend of wandelend. Hij deed er ook aan mee, wandelend, en had er al diverse malen op geoefend dit jaar. Vijf kilometer, ik leg dat al af als in de tuin bezig ben en op en neer loop, omdat ik van alles vergeten ben, naar de wc moet en even water ga drinken. Dit is natuurlijk niet zo, maar vijf kilometer is een afstand waar je normaal niet eens over nadenkt.
Het zegt weer genoeg over hoe de auto hier is ingeburgerd en dat alles er zo op is afgesteld dat je vooral je voertuig niet hoeft te verlaten. Zoals brievenbussen op autoraam hoogte en pinautomaten.

Trouwen in Las Vegas zonder je auto uit te komen. Allemaal leuk, maar draagt niet echt bij aan een gezonde levensstijl, waarbij een paar stappen lopen toch echt in past.

De volgende ochtend
Zodra je over de brug St. Augustine in rijdt, zie je meteen hoe het verschilt van de meeste andere Amerikaanse steden.

Een enorme bezienswaardigheid in St. Augustine is het Spaanse fort: Castillo de San Marcos.

Dit deel van Florida werd nogal geteisterd door piraten en Europese volkeren die het land over wilden nemen. Vandaar dat besloten werd deze vesting te bouwen in 1672, die in 1695 klaar was. De bouw en het ontwerp van het fort toonden aan dat er ook in die tijd slimme jongens rondliepen. De toenmalige nerds zal ik maar zeggen. Om te beginnen hadden ze een kunstmatige heuvel gemaakt en het fort daar in verzonken. Vijanden die er op wilden schieten, moesten dus omhoog mikken, zodat de kans groot was dat ze er overheen zouden schieten.

Rond het fort hadden ze een geul gemaakt, waar geen water in stond, maar wat een beschutte plaats was voor het vee, zodat ze bij belegering toch eten zouden hebben. De zwakke plek was de ingang, dus daar stond een solide bouwsel voor. Het fort zelf had aan de zeekant een stervorm, wat als voordeel geeft dat je je kanonnen in elke richting kunt laten schieten.

Er was plek voor vijftienhonderd mensen, zodat bij belegering de bevolking van St. Augustine er hun toevlucht kon zoeken. Het is nooit in vijandige handen gevallen: de vesting bleek onneembaar. We waren zo gelukkig een demonstratie van het kanonschieten te mogen zien met voldoende geluidsvolume om je trommelvliezen aan barrels te scheuren.

We neusden nog een poosje rond, bekeken de gevangenis en twee figuranten wilden wel even poseren. Het lukte me niet om ze elkaars hand vast te laten houden, maar je kan niet altijd geluk hebben.

Het was 33 graden en dat voelde je. Wat ik in Amerika weer dan zo geweldig vind: natuurlijk kun je in zo’n bezienswaardigheid flesjes water kopen en nog niet eens te duur. Maar er waren ook drinkfonteintjes, gratis, apparaten waar je je meegebrachte fles kon laten vullen. Ook gratis.

In het stadje stonden leuke huizen, historisch en goed bewaard. St. George street is het hoogtepunt: een redelijk nauwe straat met allerlei winkeltjes en restaurants. Het was leuk om doorheen te lopen, maar aangezien we verder niet van die winkeltjesmensen zijn, besloten we verder te gaan.

Eerst werden we nog aangeklampt door een groepje mensen met borden die heel erg voor Trump en zeer tegen Hillary Clinton waren.

Als je met een auto rondtrekt en je krijgt honger, dan moet je wel ergens wat gaan eten. En hoe apart ook, er was niks te vinden onderweg. Per toeval kwamen we langs een Chinees en besloten daar wat te eten. De nering bevond zich duidelijk in een achterstandswijk waar wij de enige blanken waren. Natuurlijk kwamen we hier pas achter toen we in het bouwvallige pand zaten te wachten op ons eten. We hadden de tijd om rond te kijken en ons te verbazen. Om te beginnen was de wc buiten werking. Ik was graag mijn handen voor ik ga eten, dus dat ging al niet op. Het formica tafelblad was in zoveel stukken gebarsten, dat het een puzzel van duizend stukjes leek. De muren zaten onder de gekste vlekken, waarvan ik niet weet of die van eerder genoten maaltijden waren of van steek- of schietincidenten. Maar het eten was goed en overvloedig. En honger of niet, we kregen het niet op.

Ik kon het overschot moeilijk aan gaan bieden aan mensen op straat en de kippen van onze beminde buren zaten 6000 kilometer verderop, dus met een bloedend hart gooiden we het in de vuilbak en voelden ons even heel Amerikaans.

Ondertussen had Henrie een paar bultjes op mijn rechterarm gezien. Die bleken na een aantal uren heel erg vurig te zijn geworden en gloeiden behoorlijk. Een insect? Een spin? Wie weet, maar feit was dat ik in welk etablissement dan ook alle ruimte zou hebben, gezien het er als builenpest uitzag. En zo is er altijd wat…

2 gedachten over “Van Orlando naar St. Augustine”

  1. Lieve Laureen en Henri,

    Wat een mooi verhaal weer, ik heb ervan genoten. Hopelijk trekken die builen snel weg, ziet er heel jeukerig en ellendig uit. Wat heerlijk naar Florida, hopelijk heb je geen last van Matthew gehad, maar die is volgens mij net voorbij getrokken. Kijk uit naar je volgende story. Heel veel plezier ! xx Rosita

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s